Wander Slomp te Gieten 0592-262330


Ruinerwold
Ruinerwold was gelegen in een waterrijke wildernis tussen Meppel en Ruinen in Zuid-West
Drenthe. Als streekdorp kolonies kwamen hier Ruinerwold en Koekange tot stand.
Blijdenstede,
gelegen bij het tegenwoordige Ruinerwold kreeg omstreeks 1145 van Bisschop Hartbert
van Utrecht een kerk. Deze bisschop had in 1141 het gehele Ruinerwoldse gebied op
verzoek van Otto van Rune (Ruinen) en de boeren van die marke aan het klooster te
Ruinen geschonken. Deze zienswijze is overigens omstreden. De Bisschop was er overigens
op strafexpeditie omdat de Heer Otto van Rune wat al te onafhankelijk ging optreden.
Aannemelijker is dat de gronden onder druk van de bisschop moesten worden afgestaan
aan het klooster.
De ontginning van Ruinerwold gebeurde met medewerking van het klooster
te Ruinen/Dickninge. Vermoedelijk was de ontginning van Ruinerwold al in 1247 voltooid
omdat er toen al tienden (erfpacht) van ontgonnen landerijen werden afgedragen. (blz
115 mr. A. Klein)
Hoe een dergelijke vestiging tot stand kwam lezen we uit een giftbrief
uit het jaar 1165. In dat jaar wordt aan een groep Friezen door bisschop Godfried
van Utrecht een onbewoond stuk niemandsland geschonken aan een groep Friezen om "te
bewonen en te bezitten" op voorwaarde dat zij voor elke tien roeden ontgonnen land
jaarlijks op St. Maarten (11-11) een penning zullen betalen als tiende.
De invloed
was van de bisschop te Utrecht zal niet altijd even groot geweest zijn. Tussen Utrecht
en Drenthe lag ook nog het gebied Gelre, dat ook niet altijd de bisschop goed gezind
was.
Ruinerwold behoorde tot de heerlijkheid Ruinen. De heren van Ruinen bewoonden
aldaar een kasteel in de buurtschap Oldenhave. Ook na de 80-jarige oorlog bleef de
heerlijkheid de zelfstandigheid bewaren, weliswaar werd de invloed minder en minder.
Pas ten tijde van Napoleon verloor de heerlijkheid voorgoed zijn zelfstandigheid
en werd het een gewoon deel van Nederland.
Tussen Ruinerwold en Havelte had je heel
vroeger nog omstreeks 1638 een lange strook bossen, ongeveer evenwijdig gelegen aan
waar nu de Drentse hoofdvaart ligt. In het jaar 1100 zal er waarschijnlijk meer bos/kreupelhout
geweest zijn.
Al in 1300 wordt gerept over de pleisterplaats Anholt tussen Pesse en
Ruinen, gelegen aan de route Groningen en Brussel. Nu nog zit daar het Olde Posthuus,
wellicht het oudste restaurant van Drenthe met een zeer rijke historie, zeer aanbevelingswaardig,
vooraf wel bespreken. Tel. 0528-241363
Drenthe kende rondom veengebieden en maakte
daarvan gebruik als verdedigingslinie.
Groningen ontwikkelde zich als een belangrijke
plaats met een eigen bisdom. Meppel was een havenplaats, Coevorden lag op een knooppunt,
daar tussen lag Ruinen. In 1227 was er de slag bij Ane die werd gewonnen door de
Drenten en de bisschop werd gedood. In het jaar erop nam de opvolger van de bisschop
reeds wraak en brandde vele dorpen plat en beval de Drenten een klooster te bouwen
aan het Schoonebeeker Diep. Omdat het daar na enige tijd te nat bleek te zijn werd
het overgeplaatst naar Assen en zou het later een grote plaats innemen in de geschiedenis
van Drenthe. In 1522 moet de bisschop echter Drenthe overlaten aan de Hertog van
Gelre, die haar op zijn beurt weer moet afstaan aan Karel V . In 1556 beloven de
Drenten trouw aan de Spaanse Koning Philips II, maar in 1580 treden ze toe tot de
Unie van Utrecht, welk verbond zij ondanks tegenslagen trouw blijven. Drenthe wordt
ook meegesleept in de 80 jarige oorlog (1568-1648). De Spaanse troepen komen in 1568
naar het noorden.